34 De scheiding van de twee compagniën Oirsbeek en Doenrade in 1849 (deel 2)

Na het opstellen van alle wensen van beide compagnieën was het een kleinigheid voor kantonrechter Jan de Limpens dit met een simpele hamerslag en stempel af te doen. Zo had hij zich zelf niet de vingers gebrand aan dit heikel thema binnen de Oirsbeekse gemeenschap.

We krijgen van de ondertekenaars van compagnie Oirsbeek en Doenrade een mooi inzicht in wie de heroprichters waren van de broederschap. Tevens vinden we hier de officiële namen van de oprichters van de schutterij van Doenrade. Het officiële jaar van oprichting van de schutterij van Doenrade is niet het jaar 1848 maar het jaar 1849.

Een dag later, op maandag 14 mei 1849, schreef de kantonrechter Jan de Limpens een brief in de Franse taal aan de graaf van Amstenrade over de stand van zaken wat betreft de scheiding van de twee compagnieën Oirsbeek en Doenrade.

Vertaling van de brief van het Kantongerecht te Sittard aan Graaf Jean Baptist Marchant D’Ansembourg:

Mijnheer de Graaf,
De twee compagnieën van de schutterij van Oirsbeek en van Doenrade hebben met elkaar gebroken.
De vogel is bij die van Oirsbeek gebleven. De platen (koningsplaten) zijn verdeeld. Het is nu van belang te weten of de vlag die U indertijd hebt gegeven aan de Compagnie Doenrade bij deze compagnie zal blijven. Men is er mee akkoord gegaan dat U, in Uw hoedanigheid van schenker, ten aanzien van dit vraagstuk een beslissing zult nemen. Vaandeldrager Kapitein Mertens, die uit Uw handen het vaandel heeft ontvangen, wil dit kleinnood graag verwerven. Deze overtuiging moet uitgelegd worden aan de Compagnie van Oirsbeek, zo heeft men mij vandaag bezworen. Ik ben niet in staat geweest om dat verzoek te weigeren.
Wilt U aanvaarden, mijnheer de Graaf, de uitdrukking van mijn grote hoogachting.
Uw zeer nederige en gehoorzame dienaar,

De Limpens

Sittard, 14 mei 1849

Ook het gemeentebestuur van Oirsbeek werd op de hoogte gesteld door burgemeester Michaël Habets en kantonrechter Jan de Limpens van het kantongerecht te Sittard. Zij stuurden op 24 mei 1849 een bedankbrief aan de graaf van Amstenrade.

Brief van het gemeentebestuur van Oirsbeek aan de Graaf Jean Baptist Marchant D’Ansembourg van Amstenrade:

Aan den Hoog geboren Heer                                                                    Oirsbeek den 24 Mei 1849
Graaf D’Ansembourg

Hebben wij ondergetekenden de Eer uit Grooten eerbied te verzoeken van aan brengen dezer te geven het vaandel, welk door hooggeboren voor de Schutterij der gehuchten gracht, oirsbeek oppeven en klein doenraad is gemaakt tot geschenk:

Wat de Jagt betreft beloven Wij alles te beramen, dat aan hoog geboren, aan deszelfs huisgezin of jager door inwoners der vermelde gehuchten geen stoornis zal gebeuren in het Jagen: verder beloven Wij Burgemeester, als wettelijk verpligt, alle middelen in te spannen ten einde alle Strooperije (Braconnage) te beletten.

Verblijven na alle dankbetuiging 
de D Wde  Burgemeester,  M. Habets
Sercretaris,       J. A. Arets

Ook het financieel gebeuren moest conform de afspraak tussen de twee compagnieën gedeeld worden, zo de volgende aantekening uit het schuttersboek van Oirsbeek.

“Den 4den Augustus 1849 hebben zich de Officieren der Compagnie van Doenraedt met den Cantonrechter, op verzoek van den schuttenmeester Arets en koster, ten zijnen huize begeven, uit reden van scheiding, ten einde rekening af te doen, over de gedane ontfangste en uitgave, voor beide Compagnieën, gezien hebbende dat het bedrag der

ontfangste bedroeg eene zom van                                                        168,4 franc

idem der gedane uitgaaf                                                                      182,8 franc

                                                                                                         ------------------------

                                                                                              te kort   14,4 franc

Over het op de keerzijde aangehaelde is door den Kantonrechter een staat van Legalisatie opgemaakt, en aan den schuttemeester overgemaakt, en het verschil van rekening, is het volgende jaar gedekt en gekweten”.


Zoals overeengekomen zullen de koningsplaten (koningszilver) met namen van koningen van de compagnie Doenrade toebehoren aan de nieuwe schutterij van Doenrade. De rest van de platen, die men niet kon thuis brengen, zullen “eerlijk” gedeeld worden. Maar het blijkt dat alle resterende koningsplaten zijn gegaan naar de schutterij St.-Lambertus te Oirsbeek.

Zo zijn in het bezit van de schutterij St.-Michaël te Doenrade de volgende zes oude koningsplaten:

1             1750      Peter Mengelers, Jonckman van Dounrath Coning tot Orsbeek, 1750
2             1803      Martinus Tilmans van Donraet en Koening van Oesbek Anno 1803
3             1805      Joh. Meertens koning te Doenraed 1805.
4             1806      I*C*B*KV*DR 1806, met boven rechts gegraveerd, keizer.
5             1811      j: Mertens Koning en Capitain in donderaet 1811. (Johannes Mertens-Meertens)
6             1818      I: Cleven : Maior v: Dounrad Koning v: Orsbek 1818. (Joannes Cleven)

Het vermoeden bestaat dat de initialen op deze unieke rechthoekige verzilverde koperen plaat van 1806 voorstellen:
J.C.B. Koning Van DoenRade 1806 of J.C.B. Keizer Van DoenRade 1806.
Het betreft hier de persoon Joannes Christianus Bussen-Bus.  Hij is ook mede ondertekenaar van het reglement van 1805. Hij kan geen keizer zijn geworden in 1806omdat in het jaar 1805 Johannes Meertens-Mertens koning was. Of gaat het hier om een herinneringsplaat?

 

foto van de plaat uit 1806

Deze rechthoekige platte verzilverde koperen plaat, met de afmetingen 93 x 120 mm, is voorzien van een reliëf van de naakte St.-Johannes Baptist, met aureool boven zijn hoofd, kruisstaf en schaap, onder een boom gezeten. Johannes betekent: God is genadig.

Opmerkelijk feit is dat de familie de Limpens, wonende op kasteel Doenrade, de nieuwe schutterij een geheel zilveren, gekroonde en gegraveerde vogel schenkt. Onder de vogel is het volgende gegraveerd: “Ex dono L. de Limpens de Doenraed ao 1849”. Was dit een goedmakertje?

Ook zou volgens het verhaal van drs. Luc Wolters de zoon van Jan de Limpens, Ernest in 1849 de eerste koning zijn geworden van de Schutterij van Doenrade. Hij zou dan als eerste vaders vogel hebben mogen dragen. Helaas is geen zilveren plaat van het jaar 1849 in het bezit van de schutterij van Doenrade. De eerste plaat die in het bezit is, is van 1852, met als koning P.J. Janssen. (Peter Jozef Janssen) Volgens de gemaakte afspraak zou het vogelschieten van beide schutterijen niet op dezelfde dag geschieden, Hemelvaartsdag (donderdag). Toch is dat in de eerste jaren wel gebeurd waarbij afwisselend eerst in het ene dorp en een paar uur later in het andere dorp het vogelschieten werd gehouden. De schutterij St.-Michaël heeft geen vaste datum voor het koningsvogelschieten. Het werd op verschillende datums gehouden, o.a. de laatste zondag in mei, kermismaandag en in oktober. In 2013 werd het gehouden op zondag 14 dagen voor Koninginnedag. Wanneer het in 2014 wordt gehouden is nog niet bekend want dan hebben we te maken met Koningsdag.

De schutterij van Doenrade moet noodgedwongen op zoek naar een nieuwe patroonheilige.

Aan de naam van de nieuwe patroonheilige van de schutterij van Doenrade ligt een lange voor- geschiedenis ten gronde. Tussen Hillensberg en Doenrade hebben vroeger op kerkelijk gebied zeer nauwe betrekkingen bestaan. Het is ergens logisch. Als men in vroegere jaren te Doenrade woonde, ging men naar de kerk in het nabijgelegen Hillensberg (Pruissen). In de doopregisters van de kerk van St.-Michaël te Hillensberg werden door “Pfarrer Wilhelm Martins” vanaf 1617 reeds kinderen gedoopt die in Doenrade waren geboren. Ook blijkt dat men daar in de kerk in het huwelijk trad en de uitvaart werd gedaan. Tijdens de Franse Revolutie, toen alle kerken in het kanton Oirsbeek werden gesloten, gingen alle dorpen voor het dopen en huwen naar de kerk van St.-Michaël te Hillensberg.  Daar er tijdens de scheiding in 1849 in Doenrade nog geen kerk was, was het een logische keuze van de leden van de nieuwe schutterij de naam van St.-Michaël als patroonheilige te nemen.

Het is steeds een grote wens geweest van de Doenradenaren om een eigen parochiekerk te hebben, maar deze wens werd pas gerealiseerd op 14 juli 1872 toen de kerk plechtig werd ingezegend met de H. Jozef als patroonheilige.

Oirsbeek, oktober 2013
Archivaris Wim Douven
Kon. Schutterij St.-Lambertus

 

Geraadpleegde bronnen:

1.            Het archief van de Koninklijke Schutterij St. Lambertus Oirsbeek.
                o.a. het schuttersreglement uit 1805, het Schutters Boek beginnende bij het jaar 1848.
                Verslag van de bijeenkomst van de compagnieën op 13 mei 1849.
2.            Schutterstijdschrift no 41 op blz. 16 t/m 20, St.-Michaël Doenrade anderhalve eeuw oud.
                door drs. Luc Wolters in 1998.
3.            Archief van de parochie St.-Lambertus Oirsbeek.
4.            Archief van de toenmalige gemeente Oirsbeek.
5.            Archief kasteel Amstenrade.
6.            Kerkregisters van de parochie St.-Michaël te Hillensberg (D).
7.            Genealogie van de familie Beugels, Amstenrade-Oirsbeek, door Wim Douven , 2004.
8.            Gedenkboek Weldadige Stichting Jan de Limpens, door A.M. Beckers-Schuwirth, 1986.