40. Versieringen OLS 1958

GROTE KUNSTWERKEN TIJDENS HET OUD LIMBURGS SCHUTTERSFEEST OP 6 JULI 1958 TE OIRSBEEK

Op zondag 2 juli 2017 wordt het Oud Limburgs Schuttersfeest (O.L.S.) gehouden in ons buurdorp Merkelbeek. Maar wie kan zich noch het geweldige eerste O.L.S. herinneren, dat gehouden werd op zondag 6 juli 1958 in Oirsbeek, nu 59 jaar geleden? Het tweede O.LS. werd in Oirsbeek gehouden op zondag 6 juni 1975. Het is 32 jaar geleden dat er weer een O.L.S. hier in de buurt werd gehouden.
Deze  zes schutters waren  verantwoordelijk voor dit schuttersfeest te Oirsbeek en wel:

Jos (Zef) Douven, Hub (de piep) Roberts, Hub Beugels, Harrie (van Zet) Roberts, Huub Debije en Jan (Sjeng) Douven. Deze foto werd gemaakt op maandag 6 juli 1957 bij Hotel Restaurant Klein-Doenrade voorheen hondenkennel Van der Molen. Afgebroken al lang voor de aanleg van het viaduct.

 Dit is de zware “buks” waarmee twee maal het O.L.S. werd gewonnen.

De buks hing vanaf 5 november 2005 tot 2016 in de huisartsenpraktijk van erevoorzitter dr. M. Klaassen. Momenteel hangt de buks en porseleinen wandbord in het Schuttersmuseum te Steijl, zij zijn in bruikleen afgestaan.

Zij wonnen het O.L.S. op zondag 7 juli 1957 bij de schutterij St. Georgius & St. Sebastianus te Beesel. Aan dit O.L.S. namen toen 125 verenigingen deel.

Het was nu de taak aan de Koninklijke Schutterij St. Lambertus uit Oirsbeek het O.L.S. op zondag 6 juli 1958 in Oirsbeek te organiseren. Het is traditie dat het O.L.S. altijd op de eerste zondag in juli wordt georganiseerd. En wat voor een geweldig folkloristisch schuttersfeest zou het worden. Alle registers werden door het organisatiecomité uit de kast getrokken. Kosten nog moeite werden gespaard om van dit O.L.S. iets bijzonders te maken. Ruim 60.000 gasten waren op dit grootste kleurrijke schuttersfestijn aanwezig en een recordaantal van 146 schutterijen (5.800 schutters) van de 171 die men aangeschreven had, waren aangetreden. De grootste deelname ooit. Er hing in het begin van het O.L.S een bewolkte hemel over Oirsbeek, maar tijdens de optocht was de zon doorgebroken,  waardoor het feest kleurijker werd en zijn weerga niet kende. Lang werd er over dit fantastisch georganiseerde en versierde schuttersfeest in binnen- en buitenland (België) nagepraat. Het was eenmalig het was een “koninklijk feest”.

 Foto raamaffiche

Het mag gezegd worden, de Oirsbeekse schutterij mag zich gelukkig prijzen, dat de voorzitter, directeur van de Staatsmijnen in Limburg de heer H.H. Wemmers, in Oirsbeek woonde. Hij werd benoemd tot erevoorzitter van het erecomité van de organisatie van het O.L.S. Tijdens de ontvangst van de hoge gasten bedankte de burgemeester van Oirsbeek, Mr. Frans Baron van Hövell tot Westerflier, de directie van de staatsmijnen, omdat zij meegeholpen hadden om dit feest te organiseren. Zo konden dingen gerealiseerd worden, die anders niet konden. Ook de steun van het aannemersbedrijf  van erevoorzitter Edmond Beugels mag niet worden vergeten. Ook zij hadden zich zeer verdienstelijk gemaakt. Oirsbeek herrees als het mooist versierde dorp, dat ooit een O.L.S. had georganiseerd. Overal in het dorp stonden grote kunstwerken met Nederlandse, Limburgse- en Belgische vlaggen, bloembakken, versieringen en verlichting. Alle straten van het dorp waren veranderd in een feesttooi van wapperende vlaggen in de Nederlandse driekleur.

KUNSTWERKEN IN DE GRACHT

  Handschets van de kunstwerken, zoals die aan de ingang van het feestterrein en op het plein in de Gracht werden aangebracht, naar een ontwerp van Eugéne Quanjel. Op de schets zien we de boerderij van Huber van Wersch.

Op de schets zien we in het midden de ingang van het feestterrein aan de “Köllerstraat”. Deze werd versierd door middel van een galerij van vaandels, wel twaalf meter hoog met oranje spandoeken met daar tussen opgesteld de vier entreeloketten. 

Bij de hoofdingang van de feestweide, welke was verhard en met grasperken verfraaid, stond op een oplegger van het autobedrijf Feijts een groot kleurrijkschilderstuk, uitbeeldend de (Schutters) nachtwacht van Rembrandt van Rijn. Het schilderstuk werd ondersteund door twee vrouwenfiguren met zwaard. De oplegger was met wit doek versierd. Tijdens de optocht trokken vele keizers, koningen, koninginnen en schutters in feestkledij voorbij aan de “Nachtwacht”, als waren zij zo uit het schilderstuk van Rembrand getreden.

Op een van deze foto’s is ook de galerij met vaandels te zien. Men kan aan de mannen met fietsen afleiden hoe groot het kunstwerk eigenlijk was. Het kunstwerk werd ‘s avonds verlicht.

    

 Foto's van de Nachtwacht

Verder zien we op de schets een kunstwerk midden op het plein. Op het driehoekig grasperk voor het feestterrein was een driehoekig kunstwerk geplaats van 6 meter hoog met de wapens van de gemeente Oirsbeek en de provincie Limburg. We zien op de foto het slangenkruis van de graven Huijn van Amstenrade en rechts de patroonheilige de H. Lambertus, met er bovenop een aantal grote en kleinere vaandels. Het lijkt of alles staat in een driehoekige bloembak. Het gehele plein met omliggende huizen stond ’s avonds in lichterlaaie van licht door schijnwerpers.

  Foto kunstwerk op pleintje in de Gracht

Op de achtergrond van de foto zien we links de slagerij van Jan (Sjang) Kusters-Leunissen en rechts boerderij Houben (hoek Schatsberg/Beukenberg)

KUNSTWERKEN OP HET KERKPLEIN

  Handschets van de kunstwerken, zoals die op het kerkplein werden aangebracht, naar een ontwerp van Eugéne Quanjel. Op de schets zien we links de kerk en de pastorie en rechts huis Mertens, het gemeentehuis en huis Boesten.

Boven langs de kerkmuur richting de Gracht (feestterrein) waren een aantal Romeinse zuilen geplaatst van zes meter hoog. Zij zijn zichtbaar op de foto met de boogschutter. Het intieme pleintje tussen kerk en gemeentehuis, een aardig dorpshoekje, had kunstenaar Quanjel een bijzonder decoratief geheel geplaatst. Op de achtergrond stonden tien meter hoge masten met bloembakken. Rechts voor de ingang van de kerk op het plein stond een acht meter hoog standbeeld van een boogschutter in actie, hij werd omringd door vrouwenfiguren..

  Foto kunstwerk met de boogschutter

  Foto van de erevoorzitter Edmond Beugels met wandbord, rechts zijn broer Karel Beugels, generaal en voorzitter. Achter het tweetal, links adjudant Jos (Zef) Douven, midden koning Jozef (Zef) Kusters en rechts adjudant Theo Offermanns. Deze foto werd genomen voor de kleurrijke schuttersoptocht op zondag 6 juli 1958

Op deze foto zijn links nog enkele Romeinse zuilen zichtbaar en recht boven het publiek is het kunstwerk van de boogschutter gedeeltelijk zichtbaar.
Het gekleurde porseleinen wandbord met een diameter van ongeveer 45 centimeter werd gemaakt door een zekere M.J. en bevat de volgende tekst.

Aan de voorkant staat in het vaandel:

KON. SCHUTTERIJ  SINT LAMBERTUS

OIRSBEEK  - LIMBURG

Bij de trom en gemeente wapen van Oirsbeek:

1958 OUD LIMBURGS

+ OIRSBEEK

Aan de achterzijde staat:

“AANGEBODEN DOOR JURY OUD LIMBURGS JULI 1958”

Aan de overkant van het kerkplein naast het voormalige huis Boesten-Pijls en ingang van het wandelpad de “stegel” stond een decoratief pijporgel van ruim acht meter hoog, dat de feeststemming “muzikaal” op een hoger peil moest brengen. Verder is op de foto te zien hoe twee dames spelen op een harp.

  Foto  kunstwerk pijporgel

Het gehele kerkplein met de twee kunstwerken en omliggende huizen en de pas nieuwe kerk (1953) veranderde ’s avonds in een zee van licht.

KUNSTWERK TE OPPEVEN

Beneden aan de berg te Oppeven stond in het midden van vlaggen op de verkeersdriehoek Provincialeweg Zuid en de Altaarstraat (waar voorheen het transformatorhuisje stond) op een verhoging een groot tweezijdig schilderij (doek) met een welkomstboodschap, die luidde:

“Oirsbeek Oud Limburgs Schuttersfeest 6 juli 1958”.

Voorop stond een soort ballerina en aan de andere kant waarschijnlijk een vrouwenfiguur. De lijst van het schilderij was versierd met geschilderde bloemen. ’s Avonds werd ook deze welkomstboodschap feestelijk verlicht.

  Foto  welkomstboodschap hoek Provinciale Weg en Altaarstraat

KUNSTWERK TE KLEIN-DOENRADE

Aan het hoogste punt van de gemeente boven aan de Oirsbeekerberg (Bouschberg), tegenover garage Feijts, werd de bezoekers uit noordelijke richting door een zestien meter hoge zuil met vlaggenmasten een welkom toegeroepen. Helaas hebben we hiervan geen foto, jammer.

  Kleurenfoto van een impressie hoe druk het was op de feestweide
(Foto uit Revue, no. 30 - 26 juli 1958)

De feestweide was gelegen in de “Beckersbaendj in de Köllerstraot” kadastraal aangeduid als “In Drossaerde Weide”, een boomgaard van zeven tot acht hectaren, die in hoofdzaak eigendom was van de familie Beckers. Op het feestterrein stonden 27 schietbomen.

  Een foto van de tribune met de genodigden aan de Dorpstraat waar het defilé heeft plaatsgevonden.

De tribune was geplaatst op het talud van de boomgaard met toestemming van de gezusters Paulssen, nu parkeerplaats voor de Jumbo-supermarkt. Dit om aan te geven, hoe druk het was in Oirsbeek. De optocht trok vanaf het feestterrein via de Beukenberg naar Klein-Doenrade en verder via de Provincialeweg Noord- en Zuid tot de Putstraat en via deze straat, de Dorpstraat en Grachtstraat, terug naar het feestterrein over een afstand van meer dan vier kilometer. Uiteindelijk won de schutterij Oranje uit Boukoul bij Swalmen het O.L.S.

WIE WAS KUNSTENAAR EUGÈNE QUANJEL

En nu de vraag nog, wie was eigenlijk kunstenaar Eugène Quanjel, die Oirsbeek feestelijk veranderde met zijn kunstwerken. Eugène Jacques Willem Quanjel werd geboren op 18 december 1897 te Heerlen. Na de lagere school studeerde hij vanaf 1910 t/m 1912 aan het seminarie te Rolduc. Sinds 1914 is hij actief als kunstenaar. Hij ronde de opleiding af als architect. In 1925 trad hij in dienst bij de Staatsmijnen in Limburg als aankomend tekenaar bij de bouwafdeling. Na het behalen van de nodige diploma’s begon Quanjel als tekenaar bij de Oranje Nassau I. Een tijd later werd bij de Staatsmijnen een bouwkundig tekenaar gevraagd en Quanjel solliciteerde voor de tweede keer maar nu met de juiste diploma’s. Hij schopte het tot bouwkundig hoofdopzichter. Hij was de ontwerper van o.m. de cokesfabriek van de mijn Maurits te Geleen en ontwierp beambte- en mijnwerkerswoningen te Kerensheide. In 1943 kreeg hij de artistieke leiding van de bouwafdeling en richtte voor DSM tentoonstellingen in te Brussel, Antwerpen en Nijmegen. Maar daarnaast kreeg hij al gauw opdracht tot het uitvoeren van alle voorkomende artistieke werkzaamheden. Hij bouwde het station te Geleen en tal van decors voor de Zuid-Limburgse opera. Hij ontwierp de decors ter gelegenheid van het jubileum van de koningin, de kunstwerken als versiering voor het Oud-Limburgs Schuttersfeest 1958 te Oirsbeek, vervaardigde glas-in-lood vensters voor de kerk van Mariarade etc. Standbeelden, vooral Barbarabeelden, bevinden zich door heel Limburg. Vaak ging het hierbij om opdrachten van buitenaf die via de Staatsmijnen uitgevoerd werden. Quanjel werd een uitzonderlijk veelzijdige kunstenaar, hij was schilder, beeldhouwer en glazenier. Als schilder had hij zich toegelegd op de thema’s o.a. landschappen, portretten, stadsgezichten en bloemen. Op 4 januari 1963 ging hij met pensioen bij de Staatsmijnen maar zijn schildershobby bleef hij verder uitoefenen. Op 30 april 1992 kreeg hij de eremedaille in goud in de orde van Oranje Nassau voor als zijn verdienstelijk werk. Eugène Quanjel overleed op 12 maart 1998 in de gezegende leeftijd van 100 jaar te Heerlen.

Oirsbeek, 29 april 2017

door archivaris van de Koninklijke Schutterij St. Lambertus, Wim Douven

 

Geraadpleegde bronnen:

1             Foto’s van de kunstwerken, zij waren nog nooit gepubliceerd.
2             Archief Koninklijke Schutterij St. Lambertus Oirsbeek
3             De Nieuwe Limburger, 4 juli 1958
4             De Nieuwe Limburger, 5 juli 1958
5             De Revue, no. 30 van 26 juli 1958
6             Rijckheyt, Centrum voor Regionale Geschiedenis Heerlen.
7             De Limburger 6 maart 1995.
8             Kerkgebouwen